Bijzonder OV in Europa (10 bijzondere lijnen, 1 station én 1 lift)

8 maanden terug

Openbaar vervoer brengt  je van A naar B, maar soms op een net iets bijzondere manier dan normaal. Soms zelfs zo bijzonder, dat het voor de liefhebber de reis waard kan zijn. In deze driedelige serie kijken we naar enkele mooi voorbeelden. Na Nederland, richten we nu onze blik op de rest van Europa.

Kusttram (België)

Foto: Vincent Wever

België heeft een van de kortste kustlijnen van Europa. Maar langs die kustlijn loopt dan weer de langste tramlijn ter wereld. De Belgische Kusttram is een overblijfsel van wat ooit een fijnmazig nationaal netwerk van buurtspoorwegen was, maar waarvan vrijwel alle lijnen zijn opgedoekt. De Kusttram overleefde. Over 67 kilometer en net zoveel haltes rijden de trams over meterspoor tussen Knokke in het noordoosten naar Adinkerke/De Panne in het zuidwesten, net voor de Franse grens. Het traject voert langs de welbekende betonkolossen van bijvoorbeeld Westende, de havens van Zeebrugge, zo ongeveer over het strand bij Raversijde en het chique De Haan met nog haar originele houten station. Vrijwel alle toeristische trekpleisers aan de kust zijn aan die ene lijn verbonden. Bovendien rijdt er in de zomermaanden een museumtrammetje vanuit De Panne.

Borkumer Kleinbahn (Duitsland)

Foto: Marc Venema

Ook relatief dichtbij huis ligt de Borkumer Kleinbahn op het Duitse Waddeneiland Borkum. Aangezien Waddeneilanden de notoire neiging hebben om aan de wandel te gaan, ligt Borkum inmiddels goed en wel boven de Groningse kust en is het vanaf station Eemshaven (zie ook het artikel over bijzonder ov in Nederland) prima te bereiken per boot. Vanaf de boot heb je naadloos overstap op het treintje dat je de 7,5 kilometer van de veerhaven naar het dorp brengt. Gemakkelijk is dat de transfer per trein al in het bootticket is inbegrepen, aangezien autoverkeer op het eiland zo goed als verboden is. De treinen kunnen, met name in het hoogseizoen, behoorlijk lang zijn. Daarbij is de lijn ook nog eens dubbelsporig uitgevoerd. Met een beetje geluk tref je een stoomlocomotief in plaats van een reguliere dieselloc. Borkum zelf is een charmant Waddeneiland wat, ondanks haar ligging, typisch Duits aandoet. Prima voor een dagje of een weekendje weg.

De Lorenbahnen naar de Halligen (Duitsland)

In het uiterste noorden van de Duitse Waddenzee liggen de Halligen; kleine eilandjes met nauwelijks een vorm van kustbewaking. De mensen die er wonen, leven op terpen en zijn bij grote vloed door water omgeven, zoals ook eeuwenlang in grote delen van Groningen en Friesland het geval was. Voor een verbinding met het vasteland, zijn de eilandjes Nordstrandischmoor, Oland en Langeneß (deels) aangewezen op kleine smalspoortreintjes. Het zijn niet meer dan veredelde lorry’s die in de begintijd nog met een zeil werden aangedreven. Het lijntje naar Nordstrandischmoor (18 inwoners) is 3,5 kilometer lang en kent een spoorwijdte van 600 mm; die over Oland (21 inwoners) naar Langeneß (110 inwoners) 9 kilometer en is 900 mm breed. Beide voeren over een dam richting de eilandjes. Om mee te mogen rijden, moet je te gast zijn bij een van de eilandbewoners die met eigen lorry’s over het spoor rijden. Spontaan meerijden is er niet bij.

Wuppertaler Schwebebahn (Duitsland)

Wuppertal is een samenvoeging van verschillende dorpen en steden in de vallei van de rivier de Wupper. Omdat daar weinig ruimte was in het toen al erg geïndustrialiseerde gebied, werd er eind negentiende eeuw besloten tot een creatieve oplossing: een trein die aan de sporen hing, grotendeels boven de Wupper. Kaiser Wilhelm nam hoogstpersoonlijk een proefritje. De wagen waarmee hij dat deed, is nog steeds te huren. Elke paar minuten rijdt er een trein; alleen in de avonduren wordt de dienst teruggeschroefd naar een kwartiersdienst. Overigens is Wuppertal niet de enige Duitse stad met een hangende trein; in Dresden rijdt eenzelfde systeem, maar dan als funicular. Ook de H-Bahnen in Dortmund en Düsseldorf hangen aan rails, in plaats van dat ze erop staan.

Rendsburger Hochbrücke (Duitsland)

Foto: Petra Nowack / Shutterstock

Het Noord-Oostzeekanaal in de Duitse deelstaat Sleeswijk-Holstein is een van de drukst bevaren kanalen ter wereld. Om grote schepen probleemloos te laten passeren werd tussen 1911 en 1913 bij Rendsburg een spoorbrug van 68 meter hoog gebouwd ten behoeve van de spoorlijn tussen Hamburg en Denemarken. Het hoogteverschil wordt in Rendsburg overbrugd met een lus die je een mooi uitzicht geeft op het stadje. Met een beetje geluk passeert er ook nog een zeeschip onder je door. Om ook voetgangers, fietsers en auto’s gebruik te laten maken van de oversteek, hangt er onder de brug een zweefbrug – feitelijk een soort zwevende pont die aan kabels onder de eigenlijke brug hangt. Helaas is de zweefbrug sinds een ongeval in 2016 uit de vaart lucht, maar volgens planning wordt deze komend najaar weer heropend.

Oberweißbacher Bergbahn (Duitsland)

Funiculaires vind je wel op meerdere plekken, maar de ene is net iets bijzonderder dan de ander. De Oberweißbacher Bergbahn in de Duitse deelstaat Thüringen is er een in die laatste categorie. Een van de twee wagens van de funiculaire heeft namelijk de mogelijkheid om ‘gewone’ rijtuigen en wagons mee te nemen. Zowel in het dalstation als het bergstation is een draaischijf aanwezig, waarmee het mogelijk is om doorgaand verkeer mogelijk te maken. Daarvoor rijdt het rijtuig een speciale wagen op die de hoek van de baan en het rijtuig overbrugt. Daarom zijn de sporen van de funiculaire ook extra breed en de rijtuigen, die losjes gebaseerd zijn op de oude Oost-Berlijnse S-Bahn-stellen, extra kort. De baan maakt overigens gewoon deel uit van het spoornet van DB. Voor het traject is wel een apart kaartje nodig.

Dorfbahn Serfaus (Oostenrijk)

De Dorfbahn van het wintersportplaatsje Serfaus heeft zichzelf het predikaat ‘kortste metro ter wereld’ gegeven. Nu is zowel ‘kortste ter wereld’ als ‘metro’ nogal discutabel, maar een apart stukje infrastructuur is het zeker. Sinds de jaren 70 was Serfaus al autovrij en waren bezoekers aangewezen op skibussen. Maar door het groeiend aantal bezoekers kon het dorp die ook niet meer aan. Daarop werd in de jaren 80 besloten om een ondergrondse baan te bouwen. Ondanks dat de bouw een middag stilgelegd moest worden omdat er een koe moest kalven en één vrouw er bijna voor zorgde dat de laatste 30 meter van de baan niet gebouwd konden worden, werd de baan in 1985 geopend. De baan heeft één voertuig dat op luchtkussens zweeft en door een kabel wordt voortgetrokken. De baan is volautomatisch en kent maar aan één zijde ramen en deuren, omdat de vier haltes (Parkeerplaats, Kerk, Centrum en Kabelbaan) allemaal het perron aan dezelfde kant hebben zitten. Het gebruik van de baan is overigens gratis.

Ascensore Castello d’Albertis-Montegalletto (Italië)

Foto: Ale Zena via Wikipedia

De Italiaanse havenstad Genua kent veel hoogteverschillen. Vandaar dat je er verspreid over de stad 12 liften en twee funiculaires vindt die die hoogteverschillen overbruggen. Eén lift is wel erg bijzonder; de Ascensore Castello d’Albertis-Montegalletto wisselt halverwege van richting. Wanneer de lift beneden is schakelt hij om tot een rijdend wagentje, gaat de bocht om en legt de laatste 200 meter door een tunnel als een kabelspoorweg af. Oorspronkelijk was het alleen een lift, maar na bijna 10 jaar buiten gebruik geweest te zijn werd begin deze eeuw de lift weer in gebruik genomen en de voetgangerstunnel omgebouwd tot een spoorweg om de reis makkelijker te maken.

Trein op boot naar Sicilië (Italië)

Spoorponten zijn een zeldzaamheid aan het worden; helemaal voor passagiers. Met het wegvallen van de spoorpont van de Vogelfluglinie tussen het Duitse Puttgarden en het Deense Rødby is er nog welgeteld één over in Europa die dagelijks reizigerstreinen overzet: de veerverbinding over de Straat van Messina tussen het Zuiden van het Italiaanse schiereiland en Sicilië. Over het veer worden onder andere intercity’s tussen Rome en Palermo overgezet. Een keer per dag rijdt er zelfs een rechtstreekse nachttrein tussen Milaan en Palermo die om 8 uur ‘s avonds vertrekt en om 5 uur ‘s middags de volgende dag aankomt. Tussen Villa San Giovanni in het puntje van de Italiaanse teen en Messina kiezen de treinen het ruime sop. De overtocht zelf duurt maar een half uurtje, maar doordat er flink heen en weer gerangeerd wordt met de treinen (ze passen namelijk niet in volle lengte op het veer), duurt het hele circus bijna 2 uur – als er geen vertragingen zijn tenminste.

Station Canfranc (Sanje)

Foto: S.G.H. via Flickr

Canfranc in de Spaanse Pyreneeën telt 500 inwoners, maar heeft het op een na grootste stationsgebouw van Europa. En er stoppen twee stoptreintjes per dag. In 1928 werd het station geopend als grensstation tussen Spanje en Frankrijk. Omdat Spanje een andere spoorbreedte kent, was overstappen noodzakelijk. Uitgebreide douanevoorzieningen en een typisch jaren-20-grootheidswaanszin deden de rest. In Canfranc verrees een station van 240 meter lang met 365 ramen en 156 deuren. Het station maakte de verwachtingen echter nooit echt waar. De spannendste tijd was wellicht nog de Tweede Wereldoorlog, waarbij het station het toneel was van Zwitsers smokkelgoud, wolfraam en een vluchtroute voor geallieerde soldaten. In 1970 ontspoorde aan Franse zijde een goederentrein die een brug vernielde, waarna SNCF besloot de lijn niet meer te herbouwen. Sindsdien is het station het eindpunt voor een boemeltje naar Zaragozza. Maar er gloort hoop: de Titanic van de Pyreneeën wordt op dit moment verbouwd tot hotel en de signalen dat Frankrijk de lijn weer wil heropenen worden steeds serieuzer.

Lijn 510 Molde – Kristiansund (Noorwegen)

Foto: dconvertini via Flicr

De Atlanterhavsvegen (of Atlantischeweg) staat bekend als een van de spectaculairste wegen in Noorwegen of misschien wel heel Europa. Over 8 bruggen, een aantal dijken en nog wat viaducten verbindt de provinciale weg 64 een aantal (voormalige) eilanden voor de Noorse kust. De zee staat er bekend om de harde winden en hoge golven; vandaar dat deze weg vaak ook hoog in het lijstje met favoriete road trips staat. Letterlijk hoogtepunt is de 23 meter hoge en 260 meter lange Storseisundet-brug. Per bus is de weg elke 3 uur ook te berijden met lijn 510 van Molde naar Kristiansund. Ook de rest van de route is erg mooi, net als de route per trein (via de Raumabanen naar Åndalsnes) en bus (via een veer door het Langfjord) naar Molde toe. Vanuit Kristiansund kan je dan weer de bus of boot pakken naar Trondheim.

De Trampe-fietslift (Noorwegen)

Is het ov? Misschien niet. Maar leuk is ‘ie wel: de Trampe-fietslift. De enige fietslift ter wereld. Hij is te vinden in Trondheim, dus prima te combineren met een Noors ov-tripje met bovenstaande. Omdat de helling van 20% vrij pittig is om te beklimmen per fiets, ontwikkelde een Noorse uitvinder een kabellift, waarbij je je rechtervoet op een steun moet zetten. Terwijl je linkervoet op de trapper blijft, sleept de lift je de heuvel op. De lift is erg populair, maar ook bekend om z’n valpartijen – vooral door onervaren toeristen.

Artikel: door Vincent Wever

This post was last modified on maart 20, 2020 6:27 pm

Bekijk reacties

  • Bij de Oberweißbacher Bergbahn is het overigens ook erg de moeite waard om vanaf het bergstation het lijntje naar Cursdorf te berijden

  • De Noordlijn tussen Luik en Luxemburg-Stad is ook en mooie spoorlijn. Maar ook het spoor tussen Namur via Dinant naar Virton of Namur-Arlon -Luxemburg Stad zijn de moeite waard. maar de toeristische Belgische museumlijnen bij Marienbourg en Chemin du Bocq zijn prachtige trajecten in de Ardennen streek. Maar ook de Alpen regio in Zwitserland en Oostenrijk zijn fraaie verbindingen. Vorig jaar augustus tussen Ancona en Pescara in Italië gereisd. je rijdt stukken langs de Adriatische Zee. Toen was reizen nog zonder risico, want dat Corina of Covid 19 virus waren nog niet aan de orde van de dag toen. Helaas is dat tij nu wereldwijd gekeerd en hopen dat het niet al te lang meer duurt. We leven thans in een hachelijke wereld met vele beperkingen , vanwege die uitbraak er van!
    Laten we hopen dat er binnen afzienbare tijd weer gereisd en genoten kan worden van cultuur en natuur.
    Zonder dat we kans maken om ziek te worden of zelfs daar aan te overlijden! Kop op beste treinreizigers en vervoersbedrijven het is nu even doorbijten tot alles straks weer bij het oude is!

    • “ Zonder dat we kans maken om ziek te worden of zelfs daar aan te overlijden! Kop op beste treinreizigers en vervoersbedrijven het is nu even doorbijten tot alles straks weer bij het oude is!”
      kBen bang dat het dit jaar Costa Balcona of Côte de Jardin wordt. :(
      Sterker nog, dat moet allemaal nog.

    • Ik hoop ook dat het binnen afzienbare tijd is, maar ik zou er niet te vast op rekenen. Wél fijn dat er weer eens een positief stukje op de site staat met mooie foto's en ideetjes om misschien eens uit te voeren. Want hoewel op dit moment alles wordt overschaduwd door het Coronavirus, komen we elke dag een stapje dichter bij het einde daarvan.

  • Behalve Borkum hebben ook andere Oost-Friese eilanden treinen. Op Borkum mag je nog autorijden (al heb je daar niet zo heel veel aan, behalve om bagage & voer mee te vervoeren). Maar naar Langeoog & Wangerooge mag je sowieso geen auto meenemen. Daar hebben ze meterspoor. Vroeger was dat er ook op Juist & Spiekeroog. kHeb ze allemaal gezien (& er in gezeten natuurlijk :D ).
    De halligen is een verhaal apart.
    & dan heb je natuurlijk nog de autotrein naar Sylt. Want dat eiland is zooooo groot, daar kun je echt niet zonder auto, lol.
    Maar om wat dichter bij huis te blijven, al de Oost-Friese waddeneilanden, van Borkum tot Wangerooge zijn verschillend van elkaar. Spiekeroog lijkt wel wat op Schiermonnikoog.
    & over treinen, zie: https://www.inselbahn.de/

  • In Wuppertal-Vohwinkel heb je ook nog lijn 683 naar Burg-bruecke.
    Hoe keer je daar een trolleybus bij gebrek aan ruimte ?
    Middels een draischijf. :))
    Uniek in de wereld denk ik..
    Het nabijgelegen Solingen heeft gelijk Arnhem een flink trolleynet,zeer nodig met de steile heuvels hier.

    Een uurtje lopen of een paar haltes met de aansluitende bus via nr Remscheid kan men bij de Muengstener Bruecke komen.
    Dit is de hoogste spoorbrug in Duitsland.
    Op de Wiese onder de brug souvenirs,soep etc.

    Dan verder naar Remscheid om de trein terug te nemen,niet echt iets voor mensen met hoogtevrees..:))

    Natuurlijk de H-bahn op Duesseldorf airport,de oer-H-bahn op Dortmund universiteit.

    Vanuit Duesseldorf u76 Krefeld en U79 Duisburg,2 vormalige spoorwegen met trams.
    In Krefeld verkeert in het seizoen Der Schluff,een stoomtreintje tussen Toenisvorst en Huelser Berg.
    Inderdaad,de locomotief klinkt als een soppende slof..

    In Keulen nog de Stadtbahn 16 nr Bonn,deze rijdt dwars door een grote raffinaderij.

    Bij Krefeld en Dormagen kun je per trein door de Bayerfabriek rijden.

    Genoeg te doen dicht bij huis..:))

  • Wie zich afvraagt of het een goed idee is om een olifant per OV te laten reizen, moet de Wikipediapagina over de Wuppertaler Schwebebahn lezen.

  • In Lissabon is de Elevador Sant Justa - Santa Justa lift - onderdeel van de Carris de Lisboa, het Lissabonse ov-bedrijf. Als u er nog eens kunt komen: houd rekening met lange wachttijden, want de lift is tegenwoordig - net als tramlijn 28 aldaar - vooral een toeristische attractie .

    https://nl.wikipedia.org/wiki/Santa_Justa-Lift