(c) Kialna Photography

Voor het eerst met de OV-Chipkaart

klok 21 jun 2012 14:20

De OV-chipkaart moet het reizen met het openbaar vervoer gemakkelijker maken. De dagelijkse reiziger mag inmiddels aan de kaart gewend zijn, voor incidentele reizigers is dat niet altijd het geval. Dat blijkt ook uit een reizigerservaring van Truus van de Pest, die besloot op Utrecht Centraal een OV-chipkaart te kopen en direct met de trein op pad te gaan. Tenminste, dat was haar plan.

Door Truus van de Pest

"Ik mocht vandaag met het openbaar vervoer naar huis. Wel eens geprobeerd? Nee? Moet je eens doen. Een belevenis voor het leven! De reis begint voor mij bij de tram, vlak voor kantoor. Nog zonder OV-chipkaart, dus opstappen en direct € 2,50 armer.  Maar goed, het eindpunt is centraal station, dus daar kan niets mis mee gaan. Met alle andere reizigers loop ik door een bouwput naar het station. Bovenaan gekomen sta ik hulpeloos om mij heen te kijken, waar moet ik heen naar de trein? Met mijn complete gebrek aan oriëntatie loop ik prompt de verkeerde kant op. Net doen of het zo hoort; omkeren en nu wel richting de trein."

Openbaarvervoerbrigade
"Ik had bedacht dat een openbaar vervoerkaart best wel handig zou zijn. Dus ga ik maar een OV-chipkaart aanschaffen. Maar waar? Er staat een vriendelijke jongeman in een uniform, die ik aanspreek. Hij legt mij geduldig maar omstandig uit dat ik á € 7,50 de ov-chipkaart aan het loket kan kopen. Voor die € 7,50 heb ik dan wel wat: ik ben dan blijkbaar “lid” van een openbaarvervoerbrigade. Joepie."

Te mooi om waar te zijn
"Vol goede moed ga ik naar het loket.  Het is net de Efteling, maar dan low budget. Je loopt via een slingerpaadje, afgezet met linten, naar de balie. Gelukkig zijn er maar vier mensen voor mij. Helaas ga ik de eerstvolgende trein niet halen, maar dan heb ik wel een “openbaarvervoerpas”. 
De mevrouw achter het loket had blijkbaar haar dag niet, maar who cares? Heb ik ook wel eens niet. Zij legt kort en bondig uit hoe het werkt. Het is te mooi om waar te zijn. En we kennen allemaal het gezegde: als het te mooi lijkt om waar te zijn, is het ook niet waar. Een waarheid als een koe."

Op zoek naar de paaltjes
"Gewapend met pas en inmiddels € 50,- armer (er moet minstens €20,- op de pas staan) loop ik naar het juiste perron. Daar aangekomen kijk ik waar ik kan inchecken… nergens dus. Ik vraag een medereiziger waar dat kan. Zij weet het niet zeker want zij gebruikt geen OV-chipkaart (ze is veel slimmer dan ik ben), maar waarschijnlijk moet ik terug naar boven. Ik kijk wat verdrietig naar de trein, en dan naar de klok. Nog vijf minuten voor het vertrek. Deze trein ga ik zeker ook niet halen."

Niet actief
"Redelijk gefrustreerd loop ik de trap op. Ik weet nog steeds niet waar ik in kan checken. Dan maar naar een informatiebalie. Achter deze balie zit een compleet uitgerangeerde – vast voormalige machinist – man in uniform. En heel erg chagrijnig. Dat komt goed uit, want ik ben inmiddels ook chagrijnig. Op de vraag waar ik kan inchecken snouwt de medewerker of mijn pas wel geldig is. “Dat mag ik wel hopen”, geef ik aan. “Ik heb ‘m net gekocht”.
Daarop kijkt hij mij wat meewarig aan, en zegt: “Dat zegt niets mevrouwtje. Ik zal de pas eerst controleren.” Omstandig haalt hij een soort mobiel-maat-koelkast onder een plank vandaan. Even later kijkt hij mij triomfantelijk aan. “Ik dacht ’t wel. Hij is niet geactiveerd.” Hoe kan dat nu? “Ze vergeten ‘m vaak te activere.n” zegt de man gewichtig. Ik moet terug naar het loket.

Toch actief?
"Mijn humeur heeft inmiddels de temperatuur van een koelkast. Rotpas! Maar goed, ik wil echt naar huis, dus maar weer terug. Inmiddels zijn er meer van die stumpers die “iets” van de dames achter de loketten willen, dus ik sta minstens 15 minuten te wachten tot ik aan de beurt ben. Ik leg de mevrouw een beetje verontwaardigd uit dat ik net een pas heb gekregen die niet actief is. Net zo verontwaardigd krijg ik het terug. De pas is wel actief. "Hoe komt u erbij?" krijg ik terug. Ik vertel haar over de informatiemedewerker die dit voor mij heeft gecontroleerd. Zonder een woord te zeggen gaat zij weg en komt omstandig met een portofoon terug. “Ja hallo, hier de balie. Is er iemand die een mevrouw kan helpen met de OV-chipkaart. Zij snapt er niets van.”

Pingpong bal
"Mijn humeur daalt tot onder het vriespunt in minder dan twee seconden. Ik haal even heeeel diep adem. Als ik mijn mond nu open doe, ga ik waarschijnlijk de Dikke Van Dale uitbreiden… Terwijl ik alleen naar huis wil. Meer niet!
Ik moet weer terug naar de informatiebalie. Nog steeds bloedlink loop ik terug. Dezelfde beleefde jonge man van de allereerste keer staat mij op te wachten. Waar het probleem in zit, vraagt hij meelevend. Helaas kan hij mij niet meer helemaal op het spoor krijgen. In één adem blaas ik het hele verhaal eruit, eindigend met “Ik lijk verdorie wel een pingpong bal hier. Ik wil gewoon met de trein naar huis.” Het gebeurt niet vaak, maar het huilen staat mij nader dan het lachen. De vriendelijke jongeman loopt met mij mee naar een paal waar de pas vrolijk “piep” zegt. Hij wil mij nog wat vragen maar ik sta nog steeds te stuiteren en snauw tegen de wat verbouwereerde knul dat ik er genoeg van heb.

Dan eindelijk met de trein
"Uiteindelijk mag ik nog 20 minuten wachten voordat ik in de trein kan stappen. Uitzoeken waar ik moet gaan zitten om niet achteruit te rijden lijkt nu een peulenschil. Als ik in Tiel uitstap ben ik inmiddels afgekoeld. Ik houd de pas met de houding van een geroutineerd openbaarvervoer reiziger voor de paal. De neiging om te kijken of de rest van de € 20,- er weer bij staat kan ik nog net onderdrukken. ’s Avonds aan de koffie kan ik er weer om lachen. Mijn zoon nog meer. Die komt bijna niet meer bij.
Moraal van het verhaal… geen idee. Ik sta in ieder geval morgen veel vrolijker weer in de file. Na een maand weet ik hier tenminste de weg."

Foto: Kialna Photography

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.